Willen of kunnen
- helderezaak
- 24 mei
- 3 minuten om te lezen
Deze week had ik een gesprek over budgetcoaching en werd mij gevraagd, waarom doe ik dit. Reflectie, daar hou ik, waarom, waarvoor. Heel veel gedachte liepen door mijn hoofd op dat moment. Mijn filosofie, met mensen aan data werken kwam als eerste naar boven, maar beschrijft niet volledig wat mijn passie heeft aangewakkerd, wat mijn vlam voor sociaal ondernemen heeft aangestoken.
Mijn generatie is opgevoed met gedachte: Kan niet ligt op het kerkhof en wil niet ligt ernaast.
Maar als je iets leert in het budget coaching of als financiële hulpverlener is dat wil niet en kan niet teveel door elkaar wordt gebruikt, maar meestal niet door de hulpbehoevende, maar door de eiser.
Als iemand een rekening niet betaalt, een afspraak niet nakomt, of steeds opnieuw in dezelfde situatie terechtkomt dan is de eerste reactie vaak: gebrek aan wil. Aan motivatie. Aan verantwoordelijkheidsgevoel.
Maar wat als dat niet klopt?
Wat als iemand het wél wil maar simpelweg niet kan? Niet omdat ze lui zijn, of onverantwoordelijk, maar omdat ze nooit hebben geleerd hoe, of door veranderede omstandigheden, niet in staat blijken te zijn, zonder coaching, bij te sturen.
Kunnen en willen lijken op elkaar. Maar ze zijn fundamenteel anders. En als we die twee door elkaar halen, lopen verwachtingen spaak en mensen ook.
Een schuld ontstaat niet uit het niets. Er is een oorsprong. En die oorsprong ligt vaker dan we denken bij het moment van afsluiten zelf. Nu schrijf ik dit stuk niet om een vinger te wijzen, omdat de complexiteit van oorzaken soms breder is dan willen en kunnen, maar het besef aan de voorzijde, voorkomt veel problemen aan de achterzijde.
Kredietverstrekkers (achteraf betalen, eerst gebruiken, dan betalen, koop nu, betaal later) werken met parameters. Modellen. Acceptatiecriteria, maar in essentie, de verkoop van een product, waarbij krediet een manier is om dit product te verkrijgen. Wat niet wordt gevraagd, waarom?
Levering op rekening (Achteraf betalen) is geen slecht product, op het moment dat je twijfel hebt of iets wel geleverd kan worden. De meeste hebben het niet breed genoeg om iets te kopen, wat nooit geleverd wordt, of kapot. Dit neem t de noodzaak van het product niet weg, maar geeft wel een safe button extra voor onnodige uitgave. Zodra krediet als product wordt verkocht ipv een middel, moeten er andere vragen worden gesteld.
Heeft client het product krediet nodig, of het eindproduct. Kan client dit product (krediet) veroorloven, of heeft client inzichtelijk Wat ze minder vaak meenemen: begrijpt deze persoon écht waar ze voor tekenen? Heeft iemand de kleine lettertjes niet alleen gelezen, maar ook begrepen? Weet iemand wat er gebeurt als het een keer tegenzit?
De aanname dat een handtekening gelijkstaat aan begrip, is een gevaarlijke (Ook al klopt dit juridisch).
Financiële geletterdheid is geen vanzelfsprekendheid. Het is iets wat je moet leren en niet iedereen heeft die kans gehad.
Assumptions are the beginning of many mistakes.
Als een overeenkomst begint met een verkeerde aanname, is de overeenkomst zelf al fragiel. Niet alleen voor de cliënt — maar uiteindelijk ook voor de verstrekker.
Als budgetcoach zie je dagelijks mensen die vastzitten. Niet omdat ze niet willen. Maar omdat niemand hen ooit heeft uitgelegd hoe het werkt. Omdat ze hebben getekend voor iets wat ze niet volledig overzagen. Omdat de verwachtingen van anderen — van instanties, van verstrekkers, van de maatschappij — nooit aansloten bij hun werkelijkheid.
Mijn werk begint daar. Niet met het oordeel over wat er fout ging, maar met de vraag: wat had iemand nodig om het anders te laten lopen?
Opmerkingen